Veenpark mikt op titel museum in 2025: noodzakelijk voor voortbestaan

Harrie Keuter in Bargermond, het stenen dorp binnen het Veenpark Foto: RTV Drenthe / Rien Kort

"Zijn wij een museaal recreatiepark of een recreatief museum? Het lijkt op spelen met woorden, maar daar zit wel een verschil in", aldus Veenpark-directeur Harrie Keuter. Aan die 'identiteitscrisis' komt volgend jaar een eind, als het goed is.

Het Veenpark hoopt dan de titel van erkend museum te dragen. Eind dit jaar gaat de aanvraag de deur uit. Een noodzakelijke stap voor het voortbestaan van de Drentse attractie in Barger-Compascuum.

Het Veenpark ontvouwde 3,5 jaar geleden de koers richting een volgend hoofdstuk. Het park moest uitgroeien tot een volwaardig museum, een status die het nu niet heeft. De gemeente Emmen en de provincie Drenthe staken eenmalig een miljoen euro in het park als extra steuntje in de rug.

Dat was nieuw, want het park heeft zichzelf al jaren zelf weten te bedruipen. Eind 2019 kwam het park echter in de problemen. De bezoekersaantallen waren gedaald tot 50.000 (op zijn hoogtepunt trok het park vier keer zoveel) en dat zette de exploitatie onder druk.

Blauwe Smurfenpark

Beide overheden trokken daarom de portemonnee en het Veenpark kwam met een nieuw masterplan. Belangrijkste inzet: het bereiken van de museale status tegen het einde van 2024. Want die erkenning maakt het makkelijker voor het Veenpark om subsidies aan te vragen.

Volgens Keuter is het Veenpark destijds met open vizier de gesprekken over de toekomst ingegaan met gemeente en provincie. "Als het een Blauwe Smurfenpark moest worden omdat dat zo lekker Drents is, dat waren we ervoor gegaan", zegt hij met een knipoog. "Maar we waren er al snel van overtuigd dat het park bij uitstek het verhaal van veen en de turfwinning moet blijven vertellen. In dat opzicht zijn we uniek in Drenthe."

Veenpark 5Het Veenpark van bovenaf. Foto: Veenpark

Intern gedoe

Vandaar de keuze om van het Veenpark een museum van provinciaal belang te maken. Plan was destijds om die status per 1 januari binnen te hebben. Maar dat gaat niet meer lukken, aldus Keuter. Eén van de voorwaarden was het aantrekken van professionele krachten, zoals een collectiebeheerder en een conservator, die het park op de inhoud zouden ondersteunen.

Maar de arbeidsmarkt werkte niet mee, aldus Keuter. "Vervolgens legde de Museumvereniging (de landelijke organisatie die aanvragen beoordeelt) vanwege intern gedoe de aanmeldingen voor een periode van een half jaar stil." Eind dit jaar gaat de aanvraag er alsnog uit en Keuter verwacht dat de museale titel tegen eind volgend jaar binnen is.

Net een zwembad

De erkenning maakt dat het park ook in de toekomst mag rekenen op gemeentelijke en provinciale subsidies. Beide overheden houden daar in hun huishoudboekjes al rekening mee: het Veenpark mag tot 2028 rekenen op een bedrag van gemiddeld een kwart miljoen per jaar.

Het geld zal vooral gestoken worden in het behouden van die professionele krachten voor wat betreft de museale koers. "Maar die status maakt het wel makkelijker om fondsen aan te schrijven." Want het park loopt al een tijdje met het idee om het entreegebouw aan te pakken. Het 3000 vierkante meter gebouw ademt nou niet bepaald de sfeer van het veen uit.

"Als ik de vlaggen bij dat gebouw weghaal, dan kan het ook een zwembad zijn", lacht Keuter. Er wordt daarom nagedacht over een gebouw waar de link met de turfwinning beter tot zijn recht komt. Of dat nieuwbouw of renovatie betekent, kan de directeur nog niet aangeven.

Ingang VeenparkHet entreegebouw van het Veenpark. Foto: Google Streetview

4000 jaar in 400 meter

Overigens heeft het Veenpark niet stilgezeten in de afgelopen jaren. Bij de entree verrees een filmhuis waar bezoekers een introductiefilm kunnen zien. In Bargermond werden zes huisjes uitgerust met multimediale technieken en is er een treinstation verplaatst. Ook investeerde het park in nieuw bebording. Alles bij elkaar werd er een half miljoen euro in deze ingrepen gestoken, schat Keuter.

Nog eens drie ton werd gestoken in de voormalige veenput bij het park. Volgens Keuter werd hier een compleet nieuw pad aangelegd. Verder zijn speeltoestellen en expositiemateriaal geplaatst. "Op deze plek is de vervening in deze omgeving in 1973 gestopt. Daar vertellen we 4000 jaar geschiedenis in 400 meter, dus een wezenlijk onderdeel van ons verhaal.

Aan het hart

Hebben deze verbeteringen nog effect gehad op de bezoekerscijfers? Volgens Keuter is er sprake van een stijgende lijn, maar wil hij vooralsnog geen cijfers noemen. "De basis voor de komende jaren is nu gelegd. Het gehele dorp, inclusief mijn ouders en grootouders, waren destijds betrokken bij de aanleg van plaggenhutdorp 't Aole Compas (in 1966)."

Het vormde de kiem van het latere Veenpark, dat er door de jaren heen om ontstaan is. "Het gaat mij aan het hart dat dat bewaard blijft voor de toekomst."

Door: Rien Kort

Dit is een artikel van