Bewoners teleurgesteld: geen twee-onder-een-kapwoningen in nieuwe Bomenbuurt

De Bomenbuurt in Veenoord. Foto: ZO!34 / Marc Wiegerinck

Twee-onder-een-kapwoningen keren niet terug bij de herontwikkeling van de Bomenbuurt in Veenoord. Uit onderzoek van Woonservice blijkt dat dit financieel niet haalbaar is. Aanpassing van het huidige plan zou volgens de gemeente en woningcorporatie minimaal 820.000 euro extra kosten.

De gemeenteraad van Emmen nam in november vorig jaar een motie aan over het behoud van de verschillende woningtypen en het noaberschap in de Bomenbuurt. Daarin werd het college gevraagd om met Woonservice in gesprek te gaan, de woonwensen van bewoners in kaart te brengen en te onderzoeken of twee-onder-een-kapwoningen in het nieuwe plan konden terugkeren. Het college laat de raad nu weten dat dit niet haalbaar is.

22 huishoudens willen terug naar Bomenbuurt

Woonservice heeft met 55 van de 56 huishoudens in de buurt gesproken. Eén huishouden kon ondanks meerdere pogingen niet worden bereikt. Volgens het college blijkt uit de gesprekken dat er breed draagvlak is voor de vernieuwing van de buurt. Vrijwel alle gesproken bewoners willen een moderne, duurzame en energiezuinige woning.

De wensen voor de toekomstige woonplek verschillen. Van de 55 huishoudens willen er 22 graag terugkeren naar de Bomenbuurt. Een deel van hen heeft nadrukkelijk aangegeven opnieuw in een twee-onder-een-kapwoning te willen wonen, met een eigen oprit en een ruime tuin.

Andere bewoners hebben belangstelling voor woningen aan onder meer de Eikenlaan en Trumanstraat. Ook is er vraag naar levensloopbestendige woningen.

Minimaal 820.000 euro duurder

Vooral de extra kosten staan de terugkeer van twee-onder-een-kapwoningen in de weg. Volgens de berekeningen bedraagt het deel van de investering dat niet via de huur kan worden terugverdiend bij een tussenwoning ongeveer 105.000 euro. Bij een eindwoning, een woning aan het einde van een huizenrij, gaat het om ongeveer 145.000 euro.

Om een groot deel van de nieuwbouw uit twee-onder-een-kapwoningen te laten bestaan, zijn volgens Woonservice ongeveer twintig extra eindwoningen nodig. Daardoor zou de totale investering die niet kan worden terugverdiend met minimaal 820.000 euro toenemen.

Woonservice stelt dat deze extra kosten niet via de verhuur kunnen worden terugverdiend. Daarvoor zou een huurprijs van ongeveer 1.100 euro per maand nodig zijn. Volgens de gemeente vallen de woningen daarmee buiten het sociale huursegment.

Minder woningen

Het college ziet ook ruimtelijke nadelen. Als er meer twee-onder-een-kapwoningen komen, kunnen er minder woningen in het plangebied worden gebouwd. Ook blijft er dan minder ruimte over voor een mix van huur- en koopwoningen en voor levensloopbestendige woningen.

Volgens de gemeente bevat het huidige plan bovendien meer hoekwoningen dan er bewoners zijn die willen terugkeren naar een woning die vergelijkbaar is met een twee-onder-een-kapwoning. Die hoekwoningen kunnen volgens het college door hun ligging, buitenruimte en woonbeleving aansluiten bij een deel van de wensen van bewoners.

Huidige plan blijft staan

Het college ziet daarom geen reden om het woningbouwprogramma voor de Bomenbuurt aan te passen. De gemeente en Woonservice zeggen bij de verdere uitwerking wel te blijven kijken welke wensen van bewoners binnen de financiële en ruimtelijke mogelijkheden kunnen worden meegenomen.

Bewoners: ‘Zeer teleurgesteld’

De beslissing valt slecht bij de bewonerscommissie van de Bomenbuurt. Een afvaardiging van de commissie sprak maandagmiddag met wethouder Albert-Jan Jakobs. Tijdens dat gesprek gaf de wethouder een toelichting op het besluit van het college om het woningbouwprogramma niet aan te passen.

De uitleg heeft de teleurstelling bij de bewonerscommissie niet weggenomen. “We zijn zeer teleurgesteld in de gemeente Emmen”, zegt Esmiralda Doek van de bewonerscommissie tegen ZO!34.

Volgens Doek heeft het onderzoek van het afgelopen jaar niet geleid tot de verandering waarop de bewonerscommissie had gehoopt. “Er is helemaal niks veranderd het afgelopen jaar en ze zetten hun plannen gewoon door. Woonservice heeft vrij spel.”