Het is de Week van Lezen en Schrijven. Deze week staat ZO!34 met de talkshow Taalpraat stil bij laaggeletterdheid en basisvaardigheden. In de derde aflevering gaat het over de manier waarop mensen omgaan met taal, de schaamte die kan ontstaan als lezen en schrijven lastig zijn en vooral over het belang om daarover te praten.
Even zeggen dat je je bril bent vergeten. Een formulier liever thuis invullen of vertellen dat je partner dit soort zaken altijd regelt. Het zijn voorbeelden van smoezen die mensen kunnen gebruiken om te verbergen dat ze moeite hebben met lezen en schrijven.
Taalambassadeur Dennis Bos kent ze goed. Als ervaringsdeskundige weet hij hoe mensen situaties proberen te vermijden waarin duidelijk kan worden dat lezen of schrijven lastig is. "Ik ben mijn bril vergeten", is zo'n veelgebruikt excuus. Maar ook "dat formulier vul ik thuis wel even in" of zeggen dat je een zere hand hebt, kan een manier zijn om het probleem verborgen te houden.
Volgens Caroline Habing, coördinator van Taalpunt Emmen, speelt schaamte daarbij een belangrijke rol. "Voor veel mensen is het vreemd dat iemand niet goed kan lezen of schrijven", vertelt ze. Juist die reactie vanuit de omgeving kan het moeilijk maken om ervoor uit te komen.
Dat terwijl veel mensen ermee te maken hebben. In de gemeente Emmen hebben meer dan 10.000 inwoners moeite met lezen, schrijven of digitale vaardigheden. De gevolgen daarvan zijn op allerlei plekken merkbaar: thuis, bij het invullen van formulieren, online en op het werk.
Albertje Prins besloot bij haar werkgever wél te vertellen dat ze moeite heeft met lezen en schrijven. "Dit hebben ze goed opgepakt", vertelt ze. Haar ervaring laat volgens de gasten zien hoe belangrijk het kan zijn dat er een omgeving is waarin iemand zonder schaamte kan aangeven waar hij of zij moeite mee heeft.
Taalpunt Emmen probeert mensen vooral met elkaar in gesprek te brengen. Het Taalpunt werkt met ongeveer 120 vrijwilligers en begeleidt onder anderen mensen die beter Nederlands willen leren of moeite hebben met bepaalde basisvaardigheden. "Eigenlijk kunnen we overal wel in begeleiden", zegt Habing.
Om gesprekken over taal makkelijker te maken, gebruikt het Taalpunt onder meer praatkaarten. Daarop staan vragen als: Wat helpt jou om een tekst beter te begrijpen? en Wat doe jij als je een woord niet begrijpt? De kaarten zijn bedoeld voor iedereen en moeten duidelijk maken dat iedereen weleens tegen iets in taal aanloopt.
De belangrijkste boodschap uit de derde aflevering is dan ook eenvoudig: praat erover. Met familie, vrienden, collega's of iemand van het Taalpunt. Want zolang mensen hun moeite met taal proberen te verbergen, blijft het probleem vaak onzichtbaar.