Voor sommigen is een vakantie vieren in een hotel het ultieme, terwijl anderen liever in een bungalow verblijven. ZO!34 bezoekt deze zomer verschillende campings. Op Camping Het Vogelbos in Erica vroegen wij de kampeerders naar de magie van het kamperen.
Miljoenen Nederlanders zetten jaarlijks hun tentje op. Ook zijn de vouwwagen, camper of caravan enorm in trek. Velen gaan naar het buitenland, maar ook kamperen in Nederland is populair. Zo ook op Erica.
Een van de campinggasten wil niet meer anders dan kamperen: “Een hotel is echt helemaal niks voor ons. Hier heb je contact met mensen en dat is erg fijn. We zijn aan het Drentenieren”, zegt een tevreden kampeerder uit Hasselt.
Een andere kampeerder uit Noord-Holland kan dit onderstrepen: “Op een luchtbedje slapen is beter dan in mijn eigen bedje. Met de geluiden van de natuur erbij. Daar kan geen duur hotel tegenop.”
Kamperen was vroeger eerder een noodzaak dan een deugd. Pas vanaf eind negentiende eeuw ontstond er in Groot-Brittannië het idee om te kamperen in de natuur. Het was vooral voor welgestelde mensen, maar door lichte kampeeruitrustingen en de opkomst van fietsvakanties werd het steeds toegankelijker voor een groter publiek.