Een half uur voor de vogels

De pimpelmees. Foto: Keith Gallie / Wiki Commons

Van vrijdag tot en met zondag kun je vogels tellen en zo bijdragen aan de bescherming van de natuur. Vanuit je tuin of vanaf je balkon tel je een half uurtje alle vogels die je in je eigen tuin ziet en die geef je door.

In Call It A Day legt Timo Roeke van de Vogelbescherming uit waarom een half uur tellen belangrijk is en welke vogels wel en niet meetellen.

Overvliegende vogels tellen niet mee

Tijdens de vogeltelling observeer je een half uur lang de vogels in je tuin en noteer je welke soorten je ziet. Door mee te doen help je mee aan de bescherming van vogels, want sommige tuinvogels verdwijnen in hoog tempo uit de steden. Tellen kan met pen en papier, maar ook eenvoudig via de app van Vogelbescherming Nederland.

“Alle vogels die voorkomen in het stedelijk gebied vallen onder tuinvogels,” aldus de organisatie. Daarbij tel je alleen de vogels die daadwerkelijk in je eigen tuin zitten. Vogels in de tuin van de buren en overvliegende vogels tellen niet mee.

Ook in Drenthe sluiten de resultaten aan bij het landelijke beeld. De huismus wordt hier het vaakst geteld, gevolgd door de koolmees en de pimpelmees. Het zijn bekende gasten in de tuin, maar juist hun aantallen geven een goed beeld van hoe het met de vogelstand in de regio gaat.

Meer vogels in je tuin?

De sneeuw van de afgelopen tijd maakt het voor vogels lastiger om eten te vinden. Daardoor trekken veel vogels uit het buitengebied naar de steden, op zoek naar voedsel. “Het is net wat warmer in de stad en er wordt vaak wat meer bijgevoerd,” legt Roeke uit.

Wie meer vogels in de tuin wil, kan helpen door bij te voeren of de tuin vogelvriendelijk in te richten met inheemse planten — soorten die van oorsprong hier voorkomen. “Gebruik biologisch voer, zonder giftige stoffen,” adviseert Roeke. “Je kunt ook wat appel of rozijnen strooien.”