Van Instagram tot het schoolplein in Zuidoost-Drenthe: elk tijdperk kent zijn eigen ideale lichaam. Wat verandert, is niet alleen het uiterlijk, maar ook de druk om eraan te voldoen. In een wereld vol filters, dunne lichamen en algoritmes groeit de vraag: wat doet dat met het zelfbeeld van jongeren?
In de prehistorie stonden volle, ronde vormen symbool voor vruchtbaarheid en overleving. In het Oude Egypte verschoof het ideaal naar slanke silhouetten, hoge tailles en symmetrische gezichten op smalle schouders. Tijdens de Renaissance en het korsettijdperk (16e tot begin 20e eeuw) waren juist een lichte huid en een volle boezem het schoonheidsideaal.
Daarna ging het tempo omhoog. De jongensachtige slankheid van de jaren twintig en zestig maakte plaats voor het zandloperfiguur van Marilyn Monroe. In de jaren tachtig volgde het atletische lichaam. Vandaag de dag wordt het ideaal vooral bepaald door sociale media, filters en bewerkte beelden. Die beelden zijn vaak zo onrealistisch dat ze in het echte leven niet eens bestaan.
Body positivity is een beweging die zich afzet tegen het idee dat er maar één ‘juist’ lichaam bestaat. Het draait om acceptatie van lichamen in alle vormen, maten, kleuren en met of zonder beperking. Zelfliefde en respect staan centraal: slank, curvy of gespierd. Alles mag bestaan, zonder dat één lichaamstype de norm is.
Maar die beweging staat onder druk.
Hoewel body positivity de afgelopen jaren veel terrein won, lijkt de modewereld terug te grijpen naar een oud patroon: dun is weer in.
Volgens cijfers van internationale modeweken werd bijna 95 procent van de outfits getoond door modellen met een standaardmaat, dit meldt RTL Nieuws. Slechts een fractie was midsize of plussize. Het podium laat opnieuw vooral één type lichaam zien: extreem dun.
Daarbovenop komt het zogenoemde balletlichaam: enorm slank, nauwelijks lichaamsvet en lange lijnen. Die trend gaat gepaard met een toename van cosmetische ingrepen, zoals liposuctie. Niet omdat het lichaam ongezond is, maar omdat het niet ‘past’ bij het modebeeld.
Het dominante modebeeld wekt de indruk dat het lichaam volledig maakbaar is. En dat idee raakt vooral jongeren. Sociale media spelen daarin een grote rol. Denk aan thinfluencers: influencers die extreme dunheid presenteren als normaal, gezond en wenselijk. Voeg daar afvalmedicatie zoals Ozempic aan toe — oorspronkelijk bedoeld voor mensen met diabetes type 2 — en het plaatje is compleet. Afvallen wordt verkocht als shortcut naar geluk, succes en zelfvertrouwen, vaak gepromoot door mensen zonder wetenschappelijke achtergrond.
Algoritmes versterken dit effect. Wie veel content ziet over afvallen, uiterlijk of ‘perfecte’ lichamen, krijgt steeds meer van hetzelfde voorgeschoteld. Zo kan het beeld ontstaan dat extreme dunheid normaal is, terwijl dat in werkelijkheid niet zo is.
Het gevolg: het zelfbeeld verschuift ongemerkt mee met wat het algoritme voorschotelt. De boodschap die blijft hangen is hard en simpel: als je lichaam niet voldoet, ligt dat aan jou. En dat is precies waar het misgaat.
Je zelfbeeld is de manier waarop je naar jezelf kijkt: wie je bent, wat je kunt en hoe je relaties aangaat. Dat beeld ontstaat niet vanzelf. Het wordt gevormd door ervaringen, sociale interacties en gedachten, vaak al vanaf jonge leeftijd.
Een belangrijk deel van die basis wordt thuis gelegd. Ouders spelen daarin een cruciale rol. Tegelijkertijd is de invloed van digitale platforms complex en verschilt die per jongere. Ook vrienden, school en werk spelen mee. “Ga met elkaar in gesprek,” adviseert onderzoeker en psycholoog Fleur Boonstra bij de Rijksuniversiteit in Groningen.
Niet alle jongeren zijn even sterk met uiterlijk bezig. Boonstra hoort tijdens gesprekken met jongeren dat sommigen online vooral kijken naar onschuldige content, zoals dierenfilmpjes. Ook Fanny Koerts, directeur van jongerenorganisatie Jimmy’s Emmen, herkent dat beeld. Zelfbeeld en mode zijn geen dominante thema’s onder alle jongeren.
Kinderdiëtiste Eline Voss in Zuidoost-Drenthe werkt al tien jaar met kinderen en zij zag het zelfbeeld van jongeren wel degelijk veranderen. “Het normaal verschuift”, zegt ze. “Jongeren volgen (th)influencers online die voedseladviezen geven zonder wetenschappelijke onderbouwing en dun zijn aanprijzen.”
Het uiterlijk van vooral jonge meisjes speelt een grote rol in de maatschappij. Dat ziet ook moeder, basisschooljuf en blogger uit Klazienaveen Elke Steenhuis. Volgens haar zijn jongeren extra kwetsbaar voor invloeden van buitenaf. “Als volwassene laat je je minder beïnvloeden en weet je dat achter perfecte beelden ook een andere kant zit. Als tiener heb je die kaders nog niet en ben je daardoor sterk beïnvloedbaar.”
Steenhuis pleit daarom voor een minimumleeftijd van zestien jaar voor sociale media, met duidelijke beperkingen. “Veel tieners zijn daar simpelweg nog niet klaar voor.” Die kwetsbaarheid past bij de levensfase waarin jongeren zich bevinden: tijdens de adolescentie is de identiteit volop in ontwikkeling. Invloeden uit de online omgeving, zoals vrienden en sociale media, wegen zwaar mee. Voss is ook voor een leeftijdsgrens van social media om jongeren te beperken en beschermen.
Ook onderzoeker Fleur Boonstra, die zich bezighoudt met negatief zelfbeeld bij jongeren met eetstoornissen, ziet dat uiterlijk een rol speelt. “Dat is normaal,” zegt ze. “Het risico ontstaat wanneer andere dingen, zoals hobby’s en online contacten, naar de achtergrond verdwijnen.”
Daarbij spelen meerdere factoren een rol. Digitale platforms zijn van invloed, maar ook biologische aanleg en persoonlijke ervaringen wegen mee.
Om jongeren te helpen een positiever zelfbeeld te ontwikkelen, is het volgens Boonstra belangrijk om de nadruk te leggen op wat een lichaam kan. “Sporten, afspreken met vrienden, reizen, bewegen, zwemmen; het gaat om functioneren, niet om vorm.”
Zowel Boonstra als Steenhuis benadrukken het belang van het gesprek tussen ouders en kinderen. Door een open en nieuwsgierige houding aan te nemen, leren jongeren kritisch kijken naar wat zij online zien. Ouders kunnen hun kind bijvoorbeeld vragen of beelden realistisch zijn. “Voer een open gesprek waarin je kind zich kan uiten en gehoord voelt,” aldus Boonstra. Voss sluit zich hierbij aan: "Het is niet altijd echt wat je online ziet, dit moet je met je kinderen bespreken." De kinderdiëtiste raadt ouders aan om de focus te leggen op een positief zelfbeeld en gezond zijn. "Normaliseer zowel gezond als ongezond eten."
Daarnaast raadt Steenhuis ouders aan om hun kinderen verschillende vormen van diversiteit te laten zien. “Modebeelden veranderen, maar je zelfbeeld draag je een leven lang mee.”
Tot slot is het volgens de experts belangrijk om bewust om te gaan met complimenten. Benoem inzet, creativiteit en doorzettingsvermogen, in plaats van uiterlijk. Vermijd negatieve opmerkingen over gewicht en lichamen.